Dit weekeind ben ik voor 4 dagen in Linz, en mijn docent waarschuwde me dat ik de stad wel in 1 dag zou hebben gezien. Maar dan kent de docent mij nog niet… Vlakbij Linz ligt namelijk het voormalig concentratiekamp Mauthausen en haar sub-kampen. Op zaterdag ben ik bijna de hele dag bij Mauthausen geweest, en heb ik daarna het herdenkingsmonument van het kamp Gusen bezocht. Op zondag ben ik ’s middags naar Schloss Hartheim gegaan, een kasteel dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gebruikt om gehandicapten, mensen met psychische klachten en andere ‘onwenselijke’ mensen te vermoorden d.m.v. euthanasie en vergassing.
De dingen die ik in Mauthausen, Gusen en Schloss Hartheim heb gezien waren minder heftig dan ik dacht, maar desondanks zeer indrukwekkend. Een deel van concentratiekamp Mauthausen is na de Tweede Wereldoorlog verwoest, maar een groot deel bestaat nog wel. Dit gaf echt een goede indruk van hoe het kamp eruit zag en wat de omstandigheden van de gevangenen waren. Wat mij het meeste bijbleef van het concentratiekamp is de zogenoemde ‘Trap des Doods’: een steile trap van 50 meter hoog, waar gevangenen met steenblokken van 50kg omhoog moesten lopen nadat ze die uit de vallei hadden gehakt. De traptreden waren ongelijk en ik begon na een paar meter mijn benen al te voelen – laat staan dat ik dit zou moeten lopen met 50kg steen op mijn rug terwijl ik ondervoed en ziek ben, onder voortdurend gescheld en mishandelingen van de SS-soldaten.
Daarnaast stonden er ook nog een paar bewaard gebleven barakken. Deze barakken waren gebouwd voor 300 mensen, maar er verbleven er ruim 2000 in. Toen ik in die barakken stond, kon ik me niet voorstellen hoe dat moest zijn; met zoveel mensen in zo’n krappe ruimte! Het heftigste heb ik op het laatst gedaan: de gaskamer. Ik merkte dat ik het toch heel spannend vond om dat te zien, wetende hoe dit in zijn werk ging. Echter, het museum heeft de weg ernaartoe zo ingericht dat je – naar mijn mening – in een hele mooie manier word meegenomen naar de gaskamer, i.p.v. dat je een trap afloopt en ineens in die ruimte staat. Voordat je de gaskamer ingaat is er namelijk de ‘Kamer van Namen’ waar alle namen van alle gevangenen en slachtoffers van het concentratiekamp zijn opgeschreven. Dit wordt met een soort lichtbak in een donkere ruimte gedaan, wat naar mijn mening een heel mooi effect heeft, terwijl er wel met respect met de overlevenden en de doden wordt omgegaan.
Schloss Hartheim is op de eerste aanblik een best mooi slot; een wit kasteel met een bomenlaan naar de hoofdingang in een landelijke omgeving. Maar richting het einde van het bezoek vond ik het geen fijne plek om te zijn. In dit museum word je in 5 stappen meegenomen in de route die de slachtoffers ook moesten afleggen: eerst kom je in een ‘ontvangstruimte’ waar de slachtoffers zich moesten uitkleden. Het museum heeft hier een lijst met namen en foto’s van de slachtoffers heeft geplaatst. In de 2e ruimte kom je in de gaskamer terecht, waar 100 mensen tegelijk werden vermoord. Vervolgens sta je in de techniekruimte, vanwaar de artsen het gas de kamer in pompten. Na ongeveer 20 minuten was iedereen vermoord en werden hun lijken in de lijkenkamer gelegd – de 4e ruimte. Hier werden de lijken verzameld om te worden verbrand, soms lagen die er wel dagen. In de laatste ruimte was het crematorium waar de lijken werden verbrand en door een molen werden gehaald om ze tot as te vermalen.
Al met al vond ik deze 2 dagen zeer indrukwekkend. Ik heb met eigen ogen gezien wat het naziregime mensen aandeed en waarom het zo belangrijk is dat hier les over gegeven wordt. Gelukkig heb ik ook leuke dingen gezien en gedaan toen ik in Linz was, maar dat staat in mijn volgende blog. :)
Reactie plaatsen
Reacties